|
|
|
|
REISVERSLAG
NOORDKAAP 16 juni - 28 juli 2004
(WEEK 1)
Begin bij kaarslicht
Na maanden van voorbereiding is het dan
eindelijk zover dat op 16 juni 2004 de grote tocht begint. De camper wordt
in gereedheid gebracht, de spullen ingeladen, de laatste klusjes geklaard,
de laatste instructies thuis achtergelaten en rond 6 uur in de avond kan
de reis beginnen. Ziedaar al direct het voordeel van reizen met een camper.
De meesten zullen er niet over denken op dat tijdstip nog op vakantie te
gaan, tenzij u 's nachts wilt doorrijden. Maar dat laatste willen we juist
niet. Wie vertelt dat er heel veel plekken zijn waar je met een camper overnachten
kunt en mag, word vaak vreemd aangekeken.
Kan dat zomaar?.... Ja dat kan. De informatie daarover moet je echter wel
bij elkaar sprokkelen, anders kun je inderdaad uren rijden zonder wat te
vinden. Toen de kop eraf was, na zo'n 238 km., vonden we bij een meertje
vlak boven Osnabrück een plekje, samen met nog een vijftal andere campers.
Gevonden in de voor camperaars onmisbare "facile en route", de
campergids met een overzicht van service en parkeerplaatsen.
De volgende dag zou een vermoeiende reisdag worden (en werd het ook) omdat
we de boot in Fredrikshaven wilden halen. Nee, we hadden geen ticket, maar
wisten wel dat we die avond uiterlijk om 22.00u over wilden. Net op tijd
voor de boot van 20.00u (er ging er nog een later) kwamen we aan en werden
naar het reservespoor gereserveerd, omdat alle tickets verkocht waren. Dat
betekent: alleen als er plaats is mag je mee en anders de volgende (nacht)boot.
Gelet op de lengte van die rij leek het ons niet echt waarschijnlijk, maar
tot ons geluk mochten we als laatste auto de boot op.
Dan dringt pas echt het gevoel tot je door dat de vakantie gaat beginnen,
als je werkelijk met de boot onderweg naar Zweden bent. |
|
Het
is heerlijk genieten, die drie uur naar Göteborg, de tijd vliegt
en bij de aankomst staat iedereen het schouwspel van het binnenvaren tussen
de vele eilandjes en langs alle gebouwen en boten te bekijken.
Bij aankomst bij onze auto benedendeks wacht ons echter een grote schrik:
onder de auto ligt een grote plas water en binnen doet niets het meer.
Het hele 12V-systeem van het huishoudgedeelte is uitgevallen en de automatische
winterschakelaar heeft ervoor gezorgd dat ook de boiler automatisch geleegd
werd. Wanneer de motor aanstaat werkt alles wel weer normaal.Wat is er
aan de hand? Moeten de accu's weer opgeladen worden? We rijden eerst maar
de stad uit, zo langzaam aan is het schemerig geworden rond de klok van
elven, maar de vraag blijft prangen: wat is er gebeurd? Buiten de stad
gaan we op zoek. Helemaal niets te vinden. Zodra de motor uitgezet wordt
is er geen spanning meer over.
Hoewel het absurd leek naar het land van de middernachtzon een zaklamp
mee te nemen, komt die nu als eerste van pas!
Rest ons niets anders dan een plekje te zoeken voor die nacht, wat we
vinden bij een kerkje in een voorstadje van Göteborg. Bij kaarslicht
beëindigen we de dag, een begin dat we ons anders voorgesteld hadden.
Hoe zal het morgen gaan?
Echte begin
Kort samengevat komen we via de ANWB en Zweedse wegenwacht in een garage,
waar uiteindelijk een praktisch-niet-te-vinden-zekering wordt ontdekt.
Kapot natuurlijk. Reden? Onbekend (nog). Met een paar reserve op zak vervolgen
we onze reis. Deze eerste echte' dag gaan we langs de Zweedse kust.
Om (weer) te ontdekken hoe anders het Zweedse leven is dan in onze gestresste
maatschappij. Om de kleine verstilde plekjes in ons op te nemen, te genieten
van het levendige water en onbekende kleine details waar te nemen.
Nu gaat het echt beginnen! We nemen u mee op reis. Het ligt niet in de
bedoeling u met een chronologisch verslag lastig te vallen, zodat u straks
alle ins en outs kent en weet op welke dag we wat gedaan of gekookt hebben
of wat dan ook. Het zou een eindeloze herhaling worden: we gingen van
die naar die plaats, we stopten om zo-en-zo laat, enzovoort. Terwijl dat
u nou juist helemaal niet interesseert. En duidelijk beeld zult u toch
wel van de reis en de route krijgen. Voor de thuisblijver moet er nog
iets te vertellen overblijven, voor de avonturier-op-afstand zal er genoeg
te lezen zijn en laten foto´s voldoende impressie achter. En voor
de camperaar die nog niet weet waar hij heen zal gaan mag het geheel aantrekkelijk
genoeg zijn. Intussen laten we hier-en-daar onze gedachten dwalen over
alles wat we tegenkomen. Zo'n tien jaar geleden waren we - destijds nog
met het hele gezin, incl. 4 kinderen - al eens in Noorwegen, Zuid-Noorwegen
wel te verstaan. En hoewel er toen op slechts 5 van de 21 dagen geen regen
viel waren de indrukken van dit land groots. Machtige fjorden, eindeloze
dalen, de rust die niet te evenaren is. De majestueusiteit van de schepping
komt hier wel heel duidelijk naar voren. De werken van onze Schepper zijn
deels nog ongerept, al is de mensenhand ook hier tot alles in staat.
Bovendien trok het ons om ooit eens een reis naar de Noordkaap te kunnen
maken. Door privéomstandigheden kunnen en mogen we dat in dit jaar
2004 gedurende zes weken verwezenlijken. Een droom wordt waar.
|
|
De E40 door het Numedalen, aan de overzijde
schitterende plekjes. Hier bij Nore
|
|
Het begin is gezet, de toonhoogte bereikt. Inmiddels hebben de eerste dagen
zich wel van hun natte kant laten zien. Vanaf de donderdag in Denemarken,
waar al veel regen viel (hoewel, het laatste eind was het weer een stralende
lucht!) tot en met de zondag waarop het s avonds na zo'n 36 uur regen
droog werd. Toch hadden we een prachtige rit langs de kust van Zweden tot
in Noorwegen. Om niet door Oslo te moeten (tol! bovendien een omweg voor
de route die we willen - nee we nemen niet de kortste) steken we de Oslofjord
bij Moss over. Het gebied rond de Oslofjord is overigens erg druk. Het lijkt
af en toe wel of je gewoon ergens in de randstad bent...
We vervolgen de weg richting Kongsberg. Een lieflijk aandoend heuvelachtig
gebied met in Kongsberg de beroemde zilvermijnen die we ooit al eens bezochten.
Het hierna volgende dal van de E40 tot aan Geilo doet heel Zwitsers aan.
Wanneer je de huisjes wegdenkt waan je je in Zwitserland. We besluiten niet
de weg tot aan Geilo te vervolgen, maar bij Rodberg de weg 'binnendoor'
naar Nesbyen te nemen. Hoewel dit op de kaart slechts een mager weggetje
lijkt, blijkt die keus een gouden greep. Een groot aantal haarspeldbochten
voert ons in korte tijd hoog boven het Numedal uit. De vergezichten worden
steeds mooier (de |
|
lucht
klaart ook steeds verder op!). Een aan te raden route. Het wordt een pracht-tocht
over een zeer rustige, brede en goed te berijden weg (zeker met een 2.5
TDI), de koffiepauze bij de stuwdam boven is welverdiend. De hoogvlakte
wordt gekenmerkt door de vele stuga's (iedere Noorse familie lijkt er wel
een te hebben) en bossen begroeid met ijslands mos. Een tocht vol natuurschoon.
Aangekomen in Nesbyen vervolgen we de hoofdroute naar Gol, om van daar de
Hemsedalroute naar de Sognefjord te nemen. Je wordt al spoedig
meegenomen naar (verhoudingswijs) grote hoogten. Ook al klim je 'maar' tot
1137m, omdat je hier in het noorden snel boven de boomgrens zit ben je direct
op ruige hoogvlakten. Hier is het genieten van vergezichten, de bergen tonen
hun sneeuwlaag. De regen van de afgelopen dagen heeft verse sneeuw gebracht.
Stoppen kost tijd, we doen het toch telkens weer. Hier snel doorrijden is
voorbijgaan aan de machtige indrukken.
We willen naar de Noordkaap, dat zeker, maar in principe schijnt de Noordkaap
zelf niet veel bijzonders te zijn. Een rots, waar je uitkijkt over de Noordelijke
IJszee. Nee, het gaat om de weg erheen. De weg is de reis. Indrukken
die vastgehouden moeten worden en daarom vastgelegd worden. Plekken waar
je uitkijkt over grote vlakten, waanzinnige diepten waar je eerst van bovenaf
inkijkt, om even later zelf naar die diepte toe te draaien. En denk eens
na: wat voor ons heel gewoon lijkt te zijn, overal heen te toeren en alles
te bekijken was vroeger totaal onmogelijk. Wat moeten de mensen hier toen
in een kleine wereld geleefd hebben. Geen toegang tot de grote wereld om
zich heen, geen communicatie, totaal aangewezen op zichzelf. Aan de vele
huizen en boerderijen her-en-der verspreid kun je een beeld van het leven
hier je voor ogen stellen. Anderzijds een leven dat veel meer rust kende
dan de hektiek van onze dagen.
Onaangekondigd trekt de lucht weer dicht en striemt de regen fel tegen de
auto. Buiten is het 9 graden. Het volgende moment laat een stralende zon
je weer genieten van weer een nieuw uitzicht. Al gaande komen we uiteindelijk
in het Laerdal. Door de nieuwe tunnel aan het eind is er helaas veel aan
de oorspronkelijke weg veranderd (ten nadele). Hoe verleidelijk het ook
is om deze ´recordtunnel´ te gaan zien, we laten hem toch links
liggen. We pakken de veerboot over de Sognefjord naar Kaupanger.
Het varen met een van de vele veren over de fjorden is elke keer weer weer
een schitterende belevenis. Hoge bergen verheffen zich aan alle kanten,
terwijl de boot het trage maar ó zo diepe en koude water zacht doorsnijdt.
Je kunt niet vaak genoeg zo'n veerboot nemen om relaxed te genieten van
de prachtige fjorden. Noorwegen staat om zijn fjorden immers bekend. Met
name de Sognefjord is indruwekkend vanwege zijn grootte (hij reikt zo'n
200 km landinwaarts!). Daarnaast schijnt de Geirangerfjord - hoewel klein
- tot de allermooiste te behoren. Om onze tocht niet al te ver om te laten
lopen hebben we deze niet bezocht. |
|
Ons slaapplekje ver boven het Sognefjord
|
|
Op onze laatste
vakantie in Noorwegen, 12 jaar geleden, stonden we in deze omgeving op de
camping van Sogne. Van daar uit vond ik toen ooit eens een schitterend plekje,
waarvan ik droomde daar ooit nog eens met een camper (ziet u wel, altijd
al van gedroomd...) te kunnen staan. Die wens ging in vervulling: ik vond
het plekje terug. Een paar 100mtr boven het Sognefjord met een adembenemend
uitzicht. Bij bovendien een temperatuur van nog 16 graden (om 18.00u op
de langste dag!) zitten we even later buiten te barbecuen en genieten van
dit weergaloze uitzicht. Af en toe een bui doet niets af van het genieten.
Bovendien is de regenboog als natuurverschijnel toch altijd weer een indrukwekkend
getuigenis van Gods trouw.
Het blijft nog lang licht die langste dag ....we vergeten de tijd. Het is
enorm stil. Slechts de vogels horen we en in de verte een waterstroom. Of
een verre boot, die over het fjord vaart. Om half twee gaan we slapen, nadat
we het binnen donker gemaakt hebben. Buiten is het dat nog steeds niet.
|
|
Onderweg 
Natuurlijk is er onderweg veel te zien en te leren. Daarom even een uitstapje.
Tijdens de reishebbenwe heel wat staafkerken (-jes) gezien. Hoewel er nog
maar 28 van zijn in heel Noorwegen is men er bijzonder trots op. De staafkerk
is een houten kerk die op staanders rust. De buitenkant is met drakenkoppen
versierd. Rond 1250 toen Noorwegen tot het christendom was overgegaan, stonden
er wel 1000. Bijgaande foto toont de best bewaarde staafkerk, die van Borgund.
De kerk is volledig van hout gemaakt, iets wat in Noorwegen voldoende aanwezig
is. De bouw van de schepen (vikingen!) en de bouw van kerken vertoont geen
toevallige overeenkomst. Het zijn juist de vikingen (Noormannen) die via
contacten met Normandië voor het eerst in aanraking kwamen met het
christendom. Magische elementen aan de ingangen van deze kerken geven aan
hoe in de Middeleeuwen heidendom en christendom met elkaar verweven werden.
Zo ontstonden bijv. de drakenfiguren op de daken. In 1537, 20 jaar na het
begin van de Reformatie, ging ook Noorwegen over tot de Reformatie. Aangetekend
moet wel worden dat dit onder druk van Denemarken was, aangezien Noorwegen
(m.n. door de pest) qua bevolking praktisch van de landkaart was geveegd
en in 1536 door Denemarken zelf letterlijk van de landkaart werd gehaald.
De Lutherse leer en zelfs de Deense Bijbelvertaling werd verplicht. De huidige
(staats)kerk is nog steeds de Lutherse, maar in de praktijk functioneert
zij hoofdzakelijk als instituut voor de hoogtepunten van het menselijk leven.
Hoogvlakte
We keren terug naar de reis. De dinsdag (noemen we dus toch even een
detail) was een bijzondere ervaring op de Sognefjel (fjel is een rotsachtige
hoogvlakte). Vanuit de plaats (tussen fjord en fjel) Sogne (hier is trouwens
ook een plek om vers water in te nemen, afvalwater en WC te lozen, bezigheden
die met grote regelmaat gedaan moeten worden om het leven aan boord goed
te houden!) vertrekken we via weg 55 langs de Lustrafjord. Schitterende
weg soms smal, bochtig, maar indrukwekkende uitzichten. We maken een klein
uitstapje van deze weg om in Solvorn direct aan de Lustrafjord koffie te
gaan drinken. Tot onze verrassing staan we dicht in de buurt van een hotel
dat een open Wireless verbinding had, zodat we mee kunnen liften en verbinding
naar de website kunnen maken voor de eerste update. Nog zo´n 35 km
blijven we langs deze fjord, met hier en daar even een stop.
Dan tijd voor het grote werk : |
|
De Sognefjel!
Een weg die voor caravans afgeraden wordt zal niet gemakkelijk wezen, dat
kun je op je vingers uittellen. Vanaf de waterkant (inmiddels al wel op
200m hoogte) moeten we omhoog naar ruim 1400m. Voor iemand die in Zwitserland
gewoond heeft (wij dus) stelt dat niets voor, maar 1400m in Noorwegen is
te vergelijken met 3000 in de Alpen! Het begint al direct heftig. Met veel
haarspeldbochten slingert de weg omhoog. Hier en daar zo smal dat zelfs
twee gewone personenauto's elkaar niet kunnen passeren. Laat staan een vrachtwagen
en personenauto met caravan die het toch waagt! Een geweldige ervaring deze
klim naar boven. Hier kom je in het gebied van de ah's en de oh's, het gebied
waar het verhaal van Peer Gynt zijn oorsprong vindt.... Fabelachtig natuurschoon,
groen in het begin, de ene na de andere waterval. Vervolgens het woeste
berggebied, met zijn rotsen en sneeuwmassa's, met gletschers en ijsmeren.
Een zelfde woestheid is op de Hardangervidda aan te treffen (die we jaren
geleden bezochten) maar hier reiken de bergtoppen tot bijna 2500 meter,
de hoogste van |
Ruige natuur op de Sognefjell
|
|
Noord-Europa. Dit is de wereld van Peer Gynt. Met de muziek daarvan op de
achtergrond, beginnend met de 'morgenstemming', voel je de indrukken daarvan
onder in het dal al. Vervolgens de 'hal van de bergkoning' die meer naar
boven zichtbaar wordt. Hier begrijp je hoe de "Asen", de hoogste
goden, in de gedachten van de Noordelingen (heel Skandinavië) tot leven
kwamen. Machten tegen machten. De wereld zoals Henrik Ibsen (uit deze streek
afkomstig) Peer Gynt beschreef. Nee, de Peer Gynt is niet van Edvard Grieg.
Peer Gynt is een figuur uit de Noorse sagen. Ibsen schreef z'n beroemde
werk erover, Grieg maakte er muziek bij. Iets van de oorsprong proef je
hier in dit gebied, in de sfeer, de harde realiteit, in verlangens van mensen,
in stukgemaakte relaties. Een wereld waar het menselijke leven een weerspiegeling
is van de natuur om hen heen. Ruw en hard. Veeleisend en tegelijk adembenemend
schoon.
Daarom kun je hier alleen maar ontzag hebben voor het geweld en tegelijk
de schoonheid van de schepping. Hier besef je iets van het leven van de
vroegere Noren die niet als toeristen veilig weggekropen zaten in campertjes
met volle tanken en een stevig motor, maar die overgeleverd waren aan de
grillen van de natuur, aan de jagende en snerpende wind, aan het neerstortende
water dat ze nog niet eens kanaliseren konden (laat staan in witte steenkool
om konden zetten) en de onoverbrugbare kloven, |
|
Details dichterbij halen...
|
levensgevaarlijke
diepten, overgeleverd aan hoogten die ze overwinnen moesten om zelf te kunnen
overleven, aan sneeuw en hagel zodat de levens van vrouw en kinderen in
gevaar kwamen.
Zet ons gemakkelijke leventje daar eens naast? Ik misgun het niemand, geniet
er zelf met volle teugen van, maar het je terugtrekken uit de razernij die
welvaart heet brengt bezinning op gang, nadenken over alles waarmee we in
het leven bezig zijn. Hoe was het ook al weer? De weg is de reis.
En dan niet alleen naar de Noordkaap (we moeten ook weer terug om het dagelijkse
ritme op te gaan pakken) maar van heel het leven.
Intussen, het aantal stopplaatsen boven op de fjel is groot. Het weer wisselend,
regen en zon wisselen zich af. Op de fjel is het droog en prachtig. Ondertussen
zien we de sneeuwstormen rond de bergtoppen loeien. Ik zou er graag even
doorheen lopen...
Noordelijker
Bovenop zo'n hoogvlakte ontmoet je ook andere toeristen. Soms zelfs |
|
enkele
keren achter elkaar, omdat je achter elkaar aan rijdt en op dezelfde plaatsen
stopt. Als nadeel van camperen' (dat is wat anders dan kamperen!)
wordt wel eens genoemd dat je minder contact met de omgeving hebt, zoals
je dat op een camping hebt. Op zich waar, maar juist de camperaar legt onderweg
weer makkelijk contacten, gesprekken ontstaan steeds weer. Zomaar over een
tip die men wil doorgeven, over het weer, de camper of de kinderen thuis.
Of naar aanleiding van een visje achter op de camper bijvoorbeeld....
Intussen zijn we weer beneden aangekomen (waar het regende) en rijden via
Lom, Vagamo en Otta weer naar de E6. Die zouden we voor een deel gaan vervolgen.
De E6 geldt als de doorgangsroute naar de Noordkaap. Voor snelle rijders
dé weg. die moet u pakken als u haast hebt om aan de nooordkaap te
komen. En de rest niet zo belangrijk lijkt. Tot Trondheim willen we deze
E6 nu volgen, om even een stuk noordelijker te komen. Bij Dombas komen we
zo opnieuw op een hoogvlakte terecht, de Dovrefjell. Spoedig zitten we weer
op 1000mtr. Opmerkelijk hoe snel het landschap dan verandert. De Dovrefjell
is heel anders dan de Sognefjell. Kaler, vlakker, opener. Maar schitterend.
Je kunt merken dat je noordelijker komt. De boomgrens wordt steeds lager.
En dan te bedenken dat ik nog steeds op de kaart van Zuid-Noorwegen rij...
|
|
We
komen bij Nidaros, oftewel Trondheim, Trondjem door de Noren uitgesproken.
Vroegere hoofdstad. Om de stad in te komen moet je net als in Oslo tol betalen.
Daarom rijden we om de stad heen, over het schiereiland (echt aan te bevelen!),
parkeren de camper vlak voor Trondheim bij een motorenzaak langs de zee
en pakken de fiets. Zo kom je ook in de (drukke) stad sneller vooruit en
zie je nog eens wat. De architectuur van de stad valt trouwens tegen. De
havenomgeving heeft een geweldige uitstraling gehad maar is door verbouwing
en commercie teloor gegaan. Alleen de immense kathedraal, met beklimming
van de toren is een bezoek waard.
Die avond overnachten we bij een klein kerkje bij een dorpje in de (zuidelijke)
omgeving. Uitzicht weer op zee. Bij een wandeling over het kerkhof valt
me een steen op met een tekst die voor zichzelf spreekt: "Jesus er
oppstandelsen og livet". Daar heb je geen woordenboek voor nodig. Een
getuigenis dat over de hele wereld klinkt, in alle talen.
Opvallend is weer hoe licht het s avonds om 12 uur nog is. Er is |
Kathedraal van Trondheim. Uitzicht van
een van de torens
|
|
|
|
helemaal
nog niets te merken van een nacht die begonnen is. Noren zijn natuurlijk
veel verstandiger en passen hun levensritme goed aan. Dat moet ook wel als
je de helft van het jaar alleen
maar licht tussen 10 en 3 uur hebt en de andere helft geen duisternis ziet.
Alhoewel we nog ver beneden de poolcirkel zijn is het effect hier al goed
merkbaar. Merkwaardig is ook de baan van de zon, waar hij s avonds
ondergaat en s ochtends weer opkomt.
Ik denk dat wanneer de curie van de RK-kerk in de Middeleeuwen hier had
gewoond i.p.v. in het hete Italië, waar het even lang licht als donker
is, zij Gallileï niet zo snel veroordeeld had om zijn ideeën over
de aarde die rond de zon cirkelde. Hier zie je wat hij bedoelde. Zo is dan
de eerste week voorbij. Vol indrukken. Op naar de tweede week!
|
|
|
|
|
|
|
|
|